english left_nav
home programma 2014 geschiedenis contact links

left_nav

MIPN archief:
2014
2012
2010
2008
2006
2004
2002
2000
1998
1996

zoeken


Dane Zajc (Slovenië)

 (Eregast)

Dane Zajc (1929 2005) werd op 26 oktober 1929 ten noordoosten van Ljubljana geboren. In 1958 debuteerde hij met een bundel neo-expressionistische gedichten, Požgana trava. Hij werkte als bibliothecaris in Ljubljana en was een van de redacteuren van de Sloveense literaire tijdschriften Revija 57 en Perspective. Hij kreeg verscheidene literaire prijzen, onder andere de prestigieuze Prešeren-prijs. In 1981 kreeg hij de Fullbright-beurs voor een verblijf in de V.S. Hij trad met zijn poëzie in allerlei landen op, de laatste jaren vooral met de Sloveense acteur en muzikant Janez Škof, die de poëzie van Zajc op de accordion begeleidde. De poëtica van Dane Zajc is de poëzie van het absurde; de dichter is zich bewust van het Niets, oorlog, vrees, verontrusting, destructie en de verlossing van de dood. De menselijke existentie is zinloos; alles is absurd. Critici prijzen de neo-expressionistische en surrealistische kanten van zijn poëzie. Dane Zajc stierf op 20 oktober 2005 aan longkanker.

 

gedicht: Ujeti volk
MIPN 2006, 15-18 juni


created by blesok.web.design
New Page 1 Door de strepen van de lamellen / klimmen motvleugelogen over je lijf / Charl-Pierre Naudé en de sterren zongen / dat ik je nagels had bedwongen / Bas Belleman O liefste / die nu ligt op pauwenkussens / zacht, je keizerrijk was hier / Daan Cartens Iemand zei praten gaat te langzaam, we moeten vuisten gebruiken, / Een ander zei vuisten gaat te langzaam / Chirukure Chirikure Kun je een gedicht schillen zonder te huilen? Jacques Darras Spreek slechts een woord, wereldwet, / en onze schedels kegelen en dijen kletsen / Leo Hermens Zonnen geveld, maïs gesneden / Klaarder is alles zichtbaarder / Ineke Holzhaus onder ons raakt het meer met nevel bedekt: / het ziet eruit als een omgekeerde hemel. / Igor Isakovski Ik kan het niet helpen. Maar / als je boos bent, moet ik zo lachen. / Henk van Kerkwijk ik raak verward als een lange / heel lange en sleetse draad / Katica Kulavkova Zij is weer terug naar Amerika / gehuld in as / met de dageraad / Aurélia Lassaque Ademloos bereiken we de parking / Van een vijandige meubelketen / Delphine Lecompte Het is warm en ik ruik een regenbui. / De barkruk draait als ik mijn been verzet. / Erik Lindner Ze zeggen hoe ik moet schrijven en zij kunnen niet schrijven, / ze zeggen hoe ik moet denken maar zij denken nooit, / zoals de vliegen op de kont van de geleerdheid / die menen dat een scheet een gedachte is. / Franco Loi Ik lig hier in mijn kist / Er is niemand die mij mist / Paul van Loon tot heel die duizelingwekkende kabbelzomer / op de spiegelingen aan scherven stort / Erik Menkveld slaap moeder slaap / maar zo dat ik het hoor / Jaroslaw Mikolajewski mijn man liet me zijn linkerschoen na / ik heb geen zoon gebaard / die hem past. / Thomas Möhlmann Hij zit in de randen van de pagina / bomen wuiven in het schrift / zijn hart tikt mee met de klok / Amir Or drie sterren vier sterren vijf / sterren tussen de wolken / een ster twee sterren drie / Arne Rautenberg Vanonder het oppervlak doemt, een begoocheling, een door mist / omkringd wolfsschuimen licht op / Hans Tentije Weet je hoe ze me voor die tijd noemden in Zuidafrika?/ Die skoonheidskoningin van die Afrikaanse poësie. / Anne Vegter Ik ben al meer dan veertig jaar haar zoon / en zoek haar op en weet niet wie ik groet. / Menno Wigman Het was zo gemakkelijk haar geduld te bewonderen / Hoe ze daar stond aan het meer met een pistool in de hand / John Heartly Williams

MIPN archief: 1996 1998 2000 2002 2004 2006 2008 2010 2012 

© MIPN 1996-2014, alle rechten voorbehouden.